Nieuws 2011


Hoge Raad

Zettel valt Dexia klanten lastig

17 mei 2011

Klanten van Dexia ontvangen de laatste tijd (eind april 2011 en aanvang mei 2011) geregeld post van het bedrijf Zettel, hetgeen in opdracht van Dexia geschied. Juridico wordt hierbij bewust gepasseerd, aangezien bij Dexia bekend is dat Juridico uw zaak behandelt. Zettel maakt daardoor gebruik van het laatst bij Dexia bekende adres. In die brief wordt aangegeven dat zij graag met de klant willen schikken. Echter blijkt het volgende: eegalease wordt door hen niet erkend én zullen zij de zaken het liefst op 1/3 deel van de restschuld uit willen laten komen. Dit is in het nadeel van de cliënt, te meer nu er via het KiFiD uitspraken zijn waarbij 60% van de schade wordt vergoed. Bij controle van het bedrijf bij de Kamer van Koophandel blijkt Zettel een handelsnaam te zijn van het bedrijf DRA Debt Recovery Agency uit Den Haag. Dit bedrijf heeft nog een handelsnaam, te weten EDR Incasso. Dit bedrijf joeg sinds aanvang 2008 veel klanten van Dexia de stuipen op het lijf wegens de agressieve incasso methode. De waarschuwing die wij kunnen uiten is om niet in zee te gaan met dit bedrijf, voordat u contact met ons heeft opgenomen, zodat eventuele problemen kunnen worden voorkomen. Voor meer informatie kunt u contact met ons opnemen.

Uitspraken Hoge Raad

29 april 2011

Deze uitspraken zijn een uitleg op de formule van Gerechtshof Amsterdam. Hierin worden vragen beantwoord die op bepaalde punten onduidelijkheden hebben opgeleverd. Eén van de vragen was of verrekening van verliezen was toegestaan met winsten van een daaraan voorafgegaan contract. Deze verrekening is toegestaan volgens de Hoge raad. Ook al zijn er meerdere contracten afgesloten ook eventueel via verschillende tussenpersonen. Volgens de Hoge Raad is dit alsnog te bestempelen als ‘eenzelfde gebeurtenis’ hierdoor is de verrekening toegestaan. Bij toepassing van het Hofmodel moet volgens de Hoge Raad niet alleen gekeken worden naar het inkomen en vermogen van de afnemer van het contract, maar ook naar de inkomens- en vermogenspositie van de partner, ongeacht de juridische/vermogensrechtelijke verhouding tussen de afnemer en diens partner. Ook mag men uitgaan van een algemene formule, mits die formule voldoende ruimte laat om ook met individuele omstandigheden van de afnemer rekening te houden Opvallend is dat de Hoge Raad zelf afwijkt van de lijn die zij in het verleden zelf hebben uitgezet. Bij schending van de bijzondere zorgplicht wegen de fouten gemaakt door de deskundige aanbieder altijd zwaarder dan de fouten gemaakt door de afnemer. Echter valt in deze uitspraken op van 5 juni 2009 en 29 april 2011 dat wanneer de formule van het Gerechthof wordt toegepast men zelfs alleen 2/3 deel van de restschuld kan ontvangen aan vergoeding of korting. Dit kan betekenen dat men wanneer men schade heeft van € 45.000,- dat men dan bijvoorbeeld maar € 152,- aan vergoeding kan ontvangen, omdat dit dan 2/3 deel van de restschuld is. Dit is alles behalve redelijk en billijk. Te meer een reden voor Juridico om de zaken voor te leggen bij het KiFiD (Klachteninstituut Financiële Dienstverlening).