Nieuws 2007


Opt-out Duisenberg-regeling: geen intimidatie, s.v.p

26 Juli ‘07, 19:31, Financiële Telegraaf
door Joop Nederstigt

Nog slechts enkele dagen resteren om je als aandelenleasebelegger te ontrekken aan de zogenoemde Duisenberg-regeling. Wanneer je op 1 augustus op dit punt niets van je hebt laten weten, dan is als vanzelf de Duisenberg-regeling van kracht bij het afwikkelen van je bij Dexia of haar rechtsvoorgangers, meestal Labouchère, gesloten aandelenleasecontract. Procederen om zoveel mogelijk van je schade vergoed te krijgen, heeft dan geen zin meer. Bij schade gaat het om het geld dat je hebt ingelegd en dat je kwijt bent, eventueel plus niet genoten rente. Bij de Duisenberg-regeling gaat het om korting op de zogenoemde restschuld. Het geld dat je al hebt ingelegd, doet niet ter zake.

Wanneer je de mogelijkheid wilt hebben om via de rechter zoveel mogelijk schade terug te krijgen, moet je voor 1 augustus een zogenoemde ‘opt-out’ verklaring hebben ingediend bij Van Buttingha Wichers Netwerk Notarissen te Voorburg. Dexia, als grootste aanbieder van aandelenleaseproducten, heeft inmiddels al luid en duidelijk laten weten dat ze klanten die zo’n verklaring hebben ingediend, zal aanspreken tot volledige nakoming van hun overeenkomsten. Dus zonder korting volgens de Duisenbergregeling. Intimidatie? Volgens mij lijkt het er sterk op. Net als bij de huis-aan-huis verkoper van ondeugdelijke stofzuigers, die vervolgens een paar zware jongens langs stuurt om het geld te innen.

Gespierde taal

Op z’n minst gaat het om nogal gespierde taal van Dexia, zo vind ik. En dan waarschijnlijk vooral in de oren van mensen die vanwege hun opleiding, inkomen en vermogen nota bene de meeste kans maken via de rechter in elk geval een groot deel van de geleden schade terug te krijgen. We moeten dan vooral denken aan mensen die voor het afsluiten van een leasecontract geen ervaring hadden met het beleggen in aandelen.

Zeker wanneer zij daarnaast ook nog voorzienbaar problemen zouden gaan krijgen met het voldoen van de verplichtingen. Bijvoorbeeld door een relatief laag voor betaling beschikbaar inkomen of vermogen. Kortom, mensen die eigenlijk geen idee hadden van wat gladde verkopers van aandelenlease producten hen nu precies aansmeerden, en onder leiding van die verkopers alleen maar oog hadden voor de voorgespiegelde maar in wezen onwaarschijnlijke voordelen daarvan. Bij vermogen moeten we met name denken aan beschikbare middelen zoals geld op de spaarbank. Dus bijvoorbeeld een eigen huis of een auto telt in dat verband niet mee.

Vooral in dat soort situaties zal bij de rechter het ontbreken van de zorgplicht zwaar worden aangerekend. Een paar maanden terug kwamen van de rechtbank van Amsterdam richtlijnen beschikbaar over de schadevergoeding in verschillende situaties waarin leasebeleggers zouden kunnen verkeren. In de meest schrijnende gevallen, laag inkomen en vermogen, geen beleggingservaring, zou volgens de richtlijnen van de Amsterdamse rechtbank 75 tot 85% van de schade moeten worden vergoed.

Bij een zelfde inkomensituatie of bij een inkomen en vermogen die duidelijk lager uitkomen dan de totale leasesom en geen of weinig beleggingservaring, moet je denken aan een vergoeding van 55 tot 65% van de schade. Bij een behoorlijk inkomen en vermogen maar geen beleggingservaring zou nog altijd zo’n 30 tot 40% van de schade moeten worden vergoed. Zelfs wanneer je bij een dergelijke inkomens- en vermogenspositie ook nog over een redelijke beleggingservaring beschikte, zou je volgens de richtlijnen nog altijd voor zo’n 5 tot 15% van de geleden schade vergoed moeten krijgen.

Schijn bedriegt

Dergelijke percentages steken ogenschijnlijk nauwelijks royaler en soms zelfs wat magertjes af bij de percentages die in de Duisenberg-regeling worden genoemd. Daarin wordt immers gesproken over 67 of zelfs 100% en toch ten minste al gauw 10%. Schijn bedriegt. Dat moeten vooral de leasebeleggers uit de eerste en tweede groep goed in het oog houden. De percentages uit de Duisenberg-regeling gelden namelijk uitsluitend voor de restschuld. En dat is het totale bedrag van de ‘overeengekomen’ leasesom minus de opbrengst van het ‘geleasde’ aandelenpakket minus de reeds betaalde bedragen.

Wat betekent dat nu in de praktijk. Laten we eens kijken naar de situatie van een echtpaar met als inkomen alleen een AOW’tje, en een jaar of zes terug nog met een aardige spaarpot van rond de €10.000. Die spaarpot werd op aandringen van een gladde verkoper van Spaar Select grotendeels in een leasecontract van een kleine €26.400 gestopt, te voldoen in 120 maandelijkse termijnen van €220. Dankzij de inleg van het meeste spaargeld hoefde dat geld de eerste vier jaar niet te worden betaald. En waarschijnlijk daarna ook niet. Maar dan moest de waarde van de aandelenportefeuille ondertussen wel met gemiddeld een dikke 6% zijn gestegen.

Dat was natuurlijk niet het geval. De waarde van de aandelen bleek juist fors te zijn gedaald. Uit het AOW’tje was de €220 per maand niet op te brengen, dus het echtpaar wilde van het contract af. Daarbij kon gebruik worden gemaakt van de verruimde Duisenberg-regeling. Ze hoefden de 72 resterende termijnen van €220 niet te betalen. Maar wél het verlies op de aandelenportefeuille dat op dat op dat moment uitkwam op rond de €4000. Daarvan werd 67% kwijt gescholden, zodat nog een dikke €1.330 te betalen overbleef. Daarvoor zat nog net genoeg in de spaarpot.

Fijne mensen

Het echtpaar was erg blij dat de dreiging van €220 per maand was afgewend. Toch wel fijne mensen bij Dexia, zo dachten ze stilletjes. Inmiddels waren ze, inclusief de inleg van €8.000 bij de start, echter wél ruim €9.300 armer. De ‘karige’ rentevergoeding van een kleine 3% die ze over de inleg van €8.000 hadden kunnen maken, niet meegerekend. Volgens de richtlijnen van de Amsterdamse rechtbank hadden ze de €1.330 niet hoeven te betalen, maar in plaats daarvan zo’n 85% van de inleg van €8.000 plus het renteverlies van waarschijnlijk zo’n €1000 als schadevergoeding moeten ontvangen. In het geval van dit echtpaar zou het dan om rond €7.650 zijn gegaan. Een verschil van bijna €9.000 ten opzichte van hun gebruik van de Duisenberg-regeling. Dit uiteraard afgezien van het in de loop der jaren wellicht ontvangen dividend.

Nu is het wel zo, dat inmiddels de aandelenkoersen fors zijn gestegen. Het zou best kunnen dat daardoor in de situatie van het echtpaar helemaal geen sprake zou zijn geweest van een restschuld wanneer ze contractueel nog een jaartje hadden kunnen wachten met het betalen van €220 per maand. Misschien was er dan wel zelfs sprake geweest van een overschot bij verkoop van de aandelen. Zou Dexia zo’n overschot bij het niet verplicht voortijdig beëindigen van het contract hebben uitbetaald? Ik vrees van niet. Het gaat immers om een niet contractueel overeengekomen beëindiging. Het echtpaar zou dan in elk geval tóch de inleg van €8.000 kwijt zijn geweest plus de gederfde rente. Maar misschien ligt dat morgen weer anders. De verruiming van de Duisenberg-regeling kwam begin mei vorig jaar immers óók ineens uit de hoge hoed tevoorschijn.

Minimum looptijd-contracten

Best mogelijk dat ook nu al een en ander anders ligt bij contracten die vanaf de zogenoemde ‘minimum looptijd’ onmiddellijk kunnen worden beëindigd onder verrekening van de nog resterende hoofdsom. Dat is bij dat soort contracten meestal het aankoopbedrag van de effecten. Het is niet ondenkbaar dat de waarde van de effecten in veel gevallen op dit moment hoger ligt dan de hoofdsom, zodat de beleggers in deze categorie uiteindelijk nog wat geld terug krijgen.

De zucht van verlichting zal in dit geval nog groter zijn dan die van het echtpaar uit het voorbeeld, zo stel ik mij voor. Mogelijk is dat de reden dat niet zo gek veel leasebeleggers, naar schatting rond 30.000, zich voor ‘opt-out’ hebben aangemeld. Wellicht dat men denkt dat er vanwege de gestegen koersen geen sprake van restschuld is of zal zijn en omdat daarom de Duisenberg-regeling niet aan de orde zal zijn. Een in principe onjuiste veronderstelling zolang het contract nog loopt. Over een dag, een week of een maand kunnen de zaken immers alweer heel anders liggen.

En ook wanneer het contract al is beëindigd met wellicht een positief saldootje hoeft dat niet te betekenen dat men lease-aanbieders zoals Dexia met rust moet laten. Ondertussen kunnen immers al duizenden euro’s betaald zijn voor een contract, dat gezien de omstandigheden van de belegger niet had mogen worden afgesloten. Dat geld onder aftrek van een eventuele uitkering is dan wel degelijk schade waarop de richtlijnen van de rechtbank Amsterdam betrekking hebben. Moet je dat zomaar laten lopen om van ‘het gezeur’ af te zijn? Ik vind van niet. Per saldo wordt dan immers aan lease-aanbieders een dikke winst kado gedaan op contracten waarmee in elk geval de regels op het punt van de zorgplicht zwaar zijn overtreden.

Joop Nederstigt is onafhankelijk beleggingsdekundige.

Terug naar nieuws overzicht 2007